Tag Archives: focus

On Beyond The Edge

On Beyond Zebra is a beautiful children’s book by the infamous Dr.Seuss. My second daughter Mahdee is reading it with me. Every letter invented as a continuation of our alphabet beyond the letter Z, she points at and excitedly exclaims:’wow, that letter is beautiful!’. We indulge in Dr. Seuss’ fantasy of ‘a List of Letters for People who Don’t stop at Z’. We marvel together at the Yuzz for Yuzz-a-ma-Tuzz, the Fuddle for Miss Fuddle-dee-Duddle and the Spazz for Spazzim.

Life has got the capacity to go on beyond the edge of the end of the alphabet. To me it seems to shift into another realm, surpassing common sense and exploring the whereabouts of unique sensability. I read back the ‘About’ page of this website. It talks about living in the present moment. Like we all do nowadays. I pledge to somehow differentiate from ‘something else’, my five senses, i.e. how to experience life solely based upon the impressions generated by the senses.

How can we experience life other then through our five senses? I am talking about experiencing life through the mind. Which ridiculously enough opposes mindfulness. More on that later in life. Experiencing life through the mind goes by applying filters. Filters that tell you how life should be, as opposed to how it presents itself in her naked form. Superego, religious paradimes, legislation, society and it’s set of rules and ethics; all are examples of filters. It’s all like taking a camera and viewing the world through a lens, manipulating the edges, the brightness and the sharpness-depth of what we are exposed to.

What does life look like beyond these manipulations? What does life look like beyond the controllable frames? Words fail to communicate. We can share in words what is known. We can’t get the unknown across, other then living and witnessing it together.

Advertisements

Ik-woord of ik word?

IMG_5619

Mijn boekenkast staat er vol mee: geschriften over ik. Het begint met dwepende romanfiguren, breidt zich uit naar filosofie en wordt aangevuld met self help literatuur. Zelfs een boek over het gebruik van het woord ik in het algemeen, in gesproken of geschreven tekst, tref je aan tussen deze studies of the universe, mijn persoonlijke universiteit.

Daarna zijn ‘Overstijg Jezelf’ van neurowetenschapper Joe Dispenza en teksten van de Dalai Lama de planken in mijn kast komen bewonen. Ook een interessant boekje met de titel The Cutting Edge (Bjørn Aris, 2012) verstopte zich tussen de geleerde en wijze woorden. Over menselijk potentiëel en hoe het zich op z’n best manifesteert. Hier vormt zich het begin van Life beyond the concept of me.

Hehe, dat lucht op!

Het grote geheel.
Energie en waar het vandaan komt.
En zoiets als liefde, wat is dat?

Van individuele aanwezigheid hier is eigenlijk geen sprake. Ieder individueel ik-je is, oftewel bestaat, überhaupt en enkel en alleen bij de gratie van de relatie met zijn of haar omgeving in de breedste zin van het woord. Een omgeving waarvan ‘de ander’ van Beauvoir, de wil van Schopenhauer, Freuds verleidelijke theoriën, Jungs archetypen en Tolstojs gecompliceerde en paradoxale karakters deel uitmaken. En waar concepten zoals verleden, heden, toekomst en de maatschappij gewoon projecties zijn van het vermoeden van een groter geheel.

Ik-jes zijn deeltjes energie zoals alles. Vestig je aandacht erop dan materialiseren ze. Waarbij de ik-energie steeds geconcentreerder wordt: ik word. Concentreer je je er niet op dan blijven ik-deeltjes in de potentiële fase, niet meer of minder dan hybernating onderdeeltjes van het grote geheel. Hybernating is wat je computer doet als je het toetsenbord een tijdje niet aanraakt. En het is de Engelse vertaling van een winterslaap doen. Het grote geheel waarin we dan tijdelijk ten onder gaan wordt ook wel omschreven en/of gevisualiseerd als het onbewuste, de goddelijke eenheid, de zee of het universum: feel free to choose your own destination.

Al die relaties samen met de moeilijke, lieve, eerlijke en poëtische woorden die ze met zich meebrengen hebben één ding gemeen: het zijn sta-in-de-wegs voor communicatie, voor het maken van de verbinding. Nu weten we waar het christelijke gebruik ‘ter communie gaan’ vandaan komt: communiceren. En wij maar denken dat dat een modern begrip is! Als relaties en woorden communicatie in de weg staan, en je dit logisch doortrekt, kom je tot het interessante resultaat dat het ik-woord in de weg staat van ik word. Want minder ik-zijn leidt tot meer zijn. Hier is het complexe en paradoxale karakter van Tolstoj’s Anna Karenina niets bij.

Hybernaten en regenereren hebben met elkaar te maken. Het doet denken aan mediteren. Etymologisch gezien is mediteren verwant aan mederi (genezen) en aan het woord meten. Het overpeinzen waard! Want hoe heet het als mensen hybernaten? Mediteren! Je afsluiten van de bewuste wereld om je te meten aan het grote geheel. Als het ik-woord negatief is, is ‘ik word’ positief. Samen vormen ze een mooi plaatje, als een foto. Dat als je er even bij stil blijft staan (meditatie) komt tot regeneratie.

Woorden vormen dan misschien obstakels in het communiceren, mooi zijn ze wel! In potentie…

Words are Overrated

Nu ik een blog heb, knaagt er constant iets aan me. Publiceren! roept het. Alleen als je iets zinnigs te melden hebt, komt het uit een andere hoek. Uit welke hoek komt die stem die me tegenhoudt, die me terugroept? Die stem die me al voor zo ontzettend veel dingen heeft behoed en me al aan even zoveel dingen voorbij heeft laten gaan. Ik heb niet de illusie dat ik zelf beslis over ‘ernaar luisteren’ of ‘in de wind slaan’. Mijn stemming doet dat. Mijn stemming maakt dat ik luister of niet. Het is de stem mijn vader, van een leraar of van de nieuwslezeres. Ik neem de stem in acht of verwijs deze naar het grote oneindige niets.

Ik vind wat ik nu hier te zeggen heb zinnig. Omdat ik delen an sich zinnig vind en zie als de zinnigheid van deze zinnen. Met publicatie in het verschiet.

De afgelopen week speelde er een zinnetje door mijn hoofd. Het zinnespelletje heeft tot gevolg dat ik dit blog rustig heb laten rusten. Het verstilde mijn verstand dat roept: Publiceren!

Het zinnetje is: ‘words are overrated’.

Ik nam het bewust tot me tijdens het kijken naar een film over een voettocht van acht maanden door de Australische outback, door een jonge vrouw. Haar gezelschap bestond uit drie kamelen en tijdens een klein stukje werd ze daarbij vergezeld door een oude wijze Aborigonal. Hij verstaat de taal der mensen (en dieren) bijzonder goed. Maar hij wisselt geen verstaanbare woorden met de Kaukasische hoofdpersoon. Words are overrated anyway.

Ze delen iets dat krachtiger is dan woorden.

Nu ik al schrijvende letterlijk en figuurlijk ‘tot bezinning’ kom, realiseer ik me dat woorden weliswaar overschat worden, net als peperdure horloges, maar dat dat niet betekent dat woorden niets waard zijn. Het betekent wel dat ze bijvoorbeeld ook net zo goed onderschat worden, of misverstaan.

Op waarde schatten is de kunst. Zoals het ingenieuze uurwerk van een peperduur horloge: niet van onschatbare waarde, maar daarom en zeker ook niet, waardeloos.

Dat woorden in grote getale, overschat worden, toont de kracht van de minimalistische Japanse haiku en de all American one-liner. Hoe minder woorden, hoe meer zin. Dat maakt woorden net zo min zinloos als het overprijste horloge met zijn ingenieuze uurwerk.

Maar waartoe dienen die woorden en uurwerken van onschatbare waarde dan? Indien ze beide zo precies en uitgemeten mogelijk zijn.

Op zoek naar de essentie. En het delen daarvan. Naar waar het allemaal om draait, nauwkeurig als een uurwerk.

Zoals uurwerken er zijn om essentie uit te drukken in tijd, zijn woorden er ook om essentie uit te drukken. Maar in wat doen ze dat dan? In communicatie? Dat komt in mijn hoofd op. Ik verwijs maar even naar de titel van mijn verzameling woorden die ik voor dit blog genereer: words meaning to connect. Of drukken woorden in essentie iets anders uit?

You tell me! Ik ga intussen even kijken in het oneindige, tijdloos en metafysisch, het grote niets. De bepaling van tijd, plaats en handeling uit het oog verliezen en dan met een natuurlijk zinnig antwoord op de proppen komen. Dat is wat ik ga doen!

Men focus, women commit

En wat er gebeurt als een vrouw zich niet toewijdt en een man niet focust.

Het volgende:

De vrouw (dé vrouw bestaat niet) vaart, drijft of dobbert op haar veertigste de territoriale wateren van de midlife binnen. Ze ervaart aanvaringen met endogene waterplanten. Of ze raakt in vervoering van een stroomversnelling waarop ze door haar kortzichtigheid niet anticipeerde. Of ze ervaart een immens overstijgende luwte die haar doen en laten omgeeft. Herleid worden al deze stuiptrekkingen op dat ze all the way meer toegewijd had moeten zijn. De  grote valkuil is haar toewijding aan kind en gezin. Deze is vast en zeker niet groot genoeg geweest door de tijd en energie die ze in werk heeft gestoken. Alternatief gezien zijn het haar dromen en fantasieën waaraan ze door haar pre-occupatie met werk en/of datzelfde kind en gezin (!) niet in voldoende mate toegewijd is geweest. Because a woman commits.

Wanneer ‘de man’ (die ook niet bestaat) zich per ongeluk spiegelt in het schitterende wateroppervlak van hetzelfde stuwmeer waarin hij zich, veertig en al, bevindt, is hij gedoemd. Per ongeluk want zijn focus priemt en kan geen bocht maken. Als hij door naar beneden te kijken dat toch doet, toont het spiegelbeeld hem inherent een van het pad geraakte zwakkeling, die ‘after all’ niet goed genoeg is en zich direct afvraagt waar hij het allemaal voor doet. Met de finish van de rat-race in zicht staat hij stil, als verlamd door de fascinerende reflectie van het zelf. De focus verleggen naar wat wat er zich onder het wateroppervlak bevindt wordt bemoeilijkt door de reflectie.

Vanmorgen had ik een leuk gesprek met non-verbale strategieën analiste Annemiek Meurs. Wat voorkomt, wat verhindert dat je leeft in het hier en nu? Dat zijn de strategieën en gedragspatronen die je gaandeweg hebt opgedaan. In feite om je te beschermen tegen dat hier en nu, althans tegen bepaalde pijnlijke ervaringen in dat hier en nu. De strategieën en gedragspatronen die je hebt aangeleerd vertellen over jouw blokkades om in het hier en nu te leven. Bepaalde strategieën en bepaald gedrag verwijzen rechtstreeks naar hetgeen ze moeten verhullen. Ik slik bij een emotionele mededeling. Want ik slik mijn emotie weg. Ik sluit mijn ogen bij een dramatisch tafereel. Want ik ontken de werkelijkheid. Weten wat en hoe er iets verhuld wordt is het resultaat van meer dan alleen een studie ernaar. Ervaring speelt een belangrijke rol.

Hoe verhoudt zich dit met onze verbale communicatie? Words and images to connect, schreef ik gister nog. Vechten uitgesproken woorden en uitgedragen lichaamstaal elkaar aan? Ja, als je eenmaal veertig bent, is die kans erg groot. De uitdaging ligt in het samenbrengen van wat oppervlakkig gezien onverenigbaar is.

Hoe belangrijk zijn woorden? Hoe belangrijk zijn ze voor ons en onze communicatie? De interpretatie ervan (je hoofd) en de emoties (je gevoel) die ze met zich meebrengen hebben in onze omgang met elkaar net zoveel effect op ons onbewuste als dat onze non-verbale patronen en strategieën dat hebben. Are you with me? Want het gaat nog verder. Neem zogenaamd gevleugelde one-liners. Deze ‘Yes, We Can’-s overtreffen ratio en emotie. Soms komt iets gewoon aan. Het slaat in. It hits you. Het is treffend. Grote denkers, filosofen, charismatische personen – en dat kunnen vooral ook sporters, artiesten of Ghandi’s en Mandela’s zijn – hebben met elkaar gemeen dat ze iets ‘in essentie’ kunnen uitdrukken, de essentie kunnen uitdrukken. Eén kreet, één one-liner en the crowd essentially goes mad. Wat is dat? De vereniging van non-verbale communicatie en woorden? Mateloos interessant.

Nu kom ik terug op het stille wateroppervlak of de kolkende watermassa van de midlife. Laten we om te beginnen het bevooroordeelde woord midlifecrisis vervangen door simpelweg midlife. Dat is waar we ons bevinden. Dat is wat het is. Gezien het feit dat we steeds ouder worden zal het breekpunt weliswaar meegroeien met onze gemiddelde levensduur, maar dat is voor later. Vooralsnog is de gemiddelde levensverwachting in Nederland  79,2 jaar voor mannen en 82,9 jaar voor vrouwen. En is veertig de aangewezen leeftijd voor de midlife.

Tot je veertigste is er vooral veel toekomst, vooruitkijken en anticiperen op dat wat komen gaat. De kronkelende, smalle of zesbaansweg wordt geflankeerd door grote en kleine borden die doorverwijzen naar verwachtingen, plannen en mogelijke realisaties. Focus en commitment worden ten doel gesteld aan de invulling van het rijk geschakeerde landschap. Hindernissen zijn er om genomen te worden. Je verbaast en vergenoegt jezelf erin hoe.

Op je veertigste krijg je dan opeens een heel groot cadeau. En dat cadeau daar heb je zelf heel veel voor gedaan. Op je veertigste krijg je van jezelf, je verleden erbij. Je gaat terugkijken. Want vooruit begin je eindelijk iets te overzien van haalbaarheid en mogelijkheden. Grenzen en limieten doen hun intrede: met name fysieke en die resoneren mentaal.

Nou maak je borst maar nat. Nu moeten we ons schrap gaan zetten. We weten nu zo’n beetje wat de inhoud is en we weten wat voor liedje we zingen. Nu gaan we door naar de tweede ronde! Wil je je echt schrap zetten, dan ga je voorbij de basis, voorbij het fundament, direct door naar de wortel. En die ga je voeden: aarden, met beide benen niet op de grond maar erin. Oftewel wortelen! En wortelen, dat doe je in je verleden. Een grote wortel maakt dat je uit kunt groeien. Niet alleen recht omhoog en recht vooruit (kijkend). Maar expansie in de breedte, in de volheid van je zijn. Je rotsvaste eigenheid gaat de strijd aan met je fysieke en ervaringsgerelateerde hoedanigheid. Dat is verbinding maken. Dat is voedzaam. Het oprakelen van missing connections, aankomen op een point of no return, doorbreken, deze ervaringen worden niet erg goed uitgedrukt met woorden als crisis en of de vaak eraan voorafgaande burn-out. Een understatement. Midlife is challenge; is erop of eronder. Er kleeft meer aan een woord dan haar betekenis alleen. De interpretatie brengt ‘hoofdzaken’ met zich mee, en daarnaast gevoel dat resoneert.

De goede mens (bestaat niet) gaat na zijn veertigste met zijn verleden aan de slag. De andere helft van het aardse bestaan is aangebroken. Lichaam en nieuwsgierigheid gaan het niet winnen van verouderingsprocessen en de overdaad aan ervaringen die zijn opgedaan. Voor een mooi lang leven, heb je diepe wortels nodig. Laat die midlife maar komen, mannen en vrouwen gelijk. Stap uit de committent, get out of focus. Geen gelukkige toekomst zonder een groot en helder verleden. Geheel en al bepaald door je eigen reflectie.

Zo en nu dan, hooggeëerd publiek, komt als een duveltje uit een doosje eindelijk de relativiteitstheorie van Einstein om de hoek kijken. Je eigen perceptie is namelijk zo relatief en afhankelijk van omgevingsfactoren als maar zijn kan. Dus wat is echt echt? Wat is waar ongeacht al het andere? Enkel en alleen dat wat er daadwerkelijk is. Alles wat er is en dat is zoveel en zo weinig als het huidige moment kan bevatten. Dus alles wat in het huidige moment is (want dat is alles wat er is) is bepalend. Niet dat wat was, zal zijn, nooit geweest is of nooit komen zal. Hoe logisch. Maar of je die realiteit kunt bevatten, laat staan aankunt dat is een ander verhaal. Let’s just get started met dat de houdbaarheidsdatum van Descartes’ cogito ergo sum (ik twijfel dus ik ben) lang verstreken is. En let’s carefully continue met de onbewuste gedragspatronen en strategieën die aangewend worden om de realiteit niet onder ogen te (hoeven) zien.

Met grote dank aan Annemieke Meurs van http://www.face-valu.eu en mijn vriendin Ida Sandberg