Category Archives: wholiness

Wonderland Revisited

IMG_0860.JPG
{Afbeelding van Piet de Loof, Sneeuwwitje}

Rood is de kleur van liefde en zwart die van de dood. Rood en zwart zijn samen flamenco en duivels. Weet ik. Wie niet? Weten en (in)zien zijn alleen niet hetzelfde. Vannacht ervoer ik plotseling een inzicht. Ik zeg nogal pathetisch ‘ervoer’ in plaats van ‘had’ omdat ik dat inzicht duidelijk niet te pakken had, het had mij te pakken. Willie Wortel duidt zijn vorm van verlichting aan met een gloeilampje. Dat is grappig maar niet alles omvattend. Inzicht is meer dan een geestelijk-verstandelijke aha erlebnis. Ik voelde het.

Is dat alles? Voelen!

Pooh, het mag duidelijk zijn. Ik leg het niet zomaar even uit.

Om kort te gaan: kleuren kwamen tot leven. Ten overvloede voeg ik hieraan toe dat er geen hallucinerend middel aan te pas kwam anders dan mijn eigen thèta state of mind. Een schemer of lucide staat waarin hersengolven niet frequent zijn en hersenactiviteit laag is. De deur tussen bewust- en onbewustzijn staat wagenwijd open. En opeens begreep ik werkelijk waarom bijvoorbeeld een klein meisje hoort bij roze. Ze houdt van deze vermenging van maagdelijk wit en liefdevol rood omdat ze het herkent. Ze herkent haar eigen onbevangen kleurenmix van witte spiritualiteit en rode liefde.

Het duivelse van geheimzinnig en occult zwart in combinatie met een beetje emotioneel gevaarlijk rood treft me opeens. Diepe gevoelens horen bij zwart en dan is de verrijking met een gepassioneerd rood detail tegelijk zo afstotend en aanlokkelijk als spiritualiën zijn: dubbelgedistilleerde Eau de Vie en andere desastreuze levenselixers.

Voor het raam waar ik zit te schrijven steekt een grijsharige vrouw het zebrapad over. Ze draagt een lange zwarte jas met een rode sjaal. Diepzinnige mensen dragen zwart. De tango is zwart van diepgang en beslotenheid. A little black dress is een geheimzinnig omhulsel. Veel zwart met een beetje rood is duivels; occulte diepzinnigheid met passie vanuit het hart. Flamenco is in balans qua zwart en rood en een stuk levendiger dan de zware en zwarte Portugese fado. Rauwe stemmen alom weliswaar. En dan veel rood met maar een beetje zwart. Daar neemt passie de overhand en is het niet langer zwaar, diep en gevaarlijk. Dat heet pikant.

Rood en wit samen geeft opeens een heel ander beeld met een heel ander gevoel. Het Rode Kruis: een liefdevol kruis op een spiritueel witte achtergrond. Zo had ik dit ijzersterke embleem nog niet bekeken. Het vormt een fikse tegenstelling met de verleidelijk zwart met rode Can Can dansende dames van plezier in de Moulin Rouge. The Red Light district is rood met zwart, niet rood met wit. Add another color and the picture completely changes. Or so it seems.

Bloedrode lippen met een sneeuwwitte huid en haar zo zwart als ebbehout, dat is waar ze samen komen. Waar rood, wit en zwart blijken te staan voor een perfecte drie-éénheid. Een volmaakt vrouwelijk evenwicht dat niet bestaat uit onze hedendaagse tweedimensionale balans zonder diepgang. Waarbij het vrouwelijk ideaalbeeld draait om liefde en spiritualiteit zonder zwarte modder. Dat is althans waar het onwetend vrouwelijk ik naartoe wil. Een blanke geest en een gepassioneerd hart, ongeaard en zonder rommel.

Dit in tegenstelling tot het veel minder bewust tot stand gekomen huidige straatbeeld waarin vrouwen hoofdzakelijk zwart dragen en andere donkere, grijzige, modderige tinten aangevuld met een clandestien rood sjaaltje. We oefenen graag de lotushouding. Het liefst met wijsvinger en duim gevormd in een perfect cirkeltje, omhooggericht, met de rug van de hand rustend op de knie. Beide knieën zijn op hun beurt allebei zo geknikt dat ze de ultieme vorm van een overtreffende trap van de kleermakerszit bereiken. I’ll show you how perfect I am. Maar perfectie zit ‘m niet in het ontbreken van imperfectie, het zit ‘m in het accepteren ervan.

Als de houding levenloos is, ontbreekt het slijk der aarde eraan. Waar is de drek waaruit die prachtige bloem op-groeide, de foute ellende die ze ont-groeide? Willen we wel weten dat we het roze meisjesstadium achter ons lieten? To not be revisited no more. Zien we wel wat een rijk geschakeerd kleurenpalet ervoor in de plaats kwam? We sluiten liever massaal onze ogen hiervoor om ons te ‘verdiepen’ in meditatieve mijmeringen met wijsvinger en duim in zo’n cirkeltje dat perfectie symboliseert. We willen zijn zoals we waren, een mengsel van spiritueel wit en liefdevol rood, net als toen, onschuldig en gepassioneerd. Want dat is vertrouwd en bekend. Never change a winning team. We hebben onze strijd gestreden. Maar hebben we ook gewonnen? Het is tijd voor een nieuwe outfit dames. Eéntje die ons beter staat dan dat wat we inmiddels lang ontgroeid zijn.

Een werkelijke vrouw zoals je die alleen in sprookjes treft, vormt een drie-éénheid van vlammend rode liefde, maagdelijke witte spiritualiteit én het donkere zwart van de aarde. Dood en verderf en alle occulte geheimzinnigheid incluis. Alleen die vrouw maakt werkelijk verbinding. Connects deep down to where we all come from.

Daar gaat ze, hand in hand met de heilige drie-éénheid van de christelijke God de vader, God de zoon en de Heilige geest (hoe patriarchaal wil je het hebben) verschijnt ten tonele deze matriarchale niet-heilige drie-éénheid (trinidad) van sneeuwwit, bloedrood en zwart als ebbehout.

Thanx dear Alice for quickly revisiting wonderland with me.

Advertisement

Zielig

Ik stort in. En realiseer me dat deze zuivere gedachte just another emotion is. Groot en overheersend. Net zo’n gedachte als ‘het slaat nergens op, laat maar’ of ‘lag ik maar in de zon aan zee met een cocktail in mijn hand’. Maar dan wat meer omvattend. Ik realiseer me tegelijkertijd dat het niet deze gedachte is, die de realiteit vormt. Of het realiteit wordt ligt in mijn eigen handen, mijn eigen doen en laten. Ik kan me fysiek en met behulp van een vliegtuig, wel of niet verplaatsen naar zon en zee en een cocktail bestellen. Ik kan dus ook wel of niet instorten. Dat is, nadat de gedachte is ontstaan, een keus die ik zelf maak. Gedachtes worden realiteit, only when you act accordingly.

Ze kunnen wel hardnekkig zijn, gedachtes. Net zoals emoties. Ook voor emoties geldt: ze worden realiteit if you act accordingly. In mijn privéleven respecteer ik mijn emoties. Dat wil zoveel zeggen als I act upon them. In tegenstelling tot in mijn professionele bestaan waar het in mijn beleving min of meer duidelijk is dat je je niet laat leiden door emoties. Het lijkt alsof mijn privédomein de aangewezen vrijplaats vormt voor emoties. Ik sta daar niet bij stil en denk er niet over na. Talking ‘bout mindfulness. Not! Het betekent dat ik emoties niet onderdruk. Klinkt nogal sixties. Het resulteert jammergenoeg niet in love, peace and happiness. Mijn (ik personaliseer ze) emoties zijn voor mij precious tekenen van mijn bestaan. Ze geven uitdrukking aan mij. Want wat anders? vraag ik me af. Wat of wie ben ik anders dan een verzameling van emotionele, intellectuele en fysieke expressies? Dit onderbouwt mijn verstand gelukkig met de retorische vraag: ‘Hoe stoicijns wil je me hebben? Ik heb net zo veel recht op mijn individueelste uitingen als dat ik recht heb op liefde, aandacht en een (op mij gefocuste) wereld om me heen!’. Dit soort betogingen, daar doet mijn verstand niet moeilijk over.

Ik begin te begrijpen dat emoties en gedachtes niet ik zijn. Ik ben ziel. Eigenlijk weet ik dat al sinds ik een jaar of vijftien, zestien was, dertig jaar geleden nu. Maar tot nu toe leeft de kinderlijke, niet doorleefde wijsheid ervan in haar eigen sfeer. Dat zieltje blijft somewhat theoretisch en manifesteert zich alleen soms onverwacht en ongekend op spiritueel vlak. Als er opeens sprake is van een geestelijk verbond, van onverklaarbare verwantschap, van een out of the blue connectie. Of als ik in een buitenland min of meer gedachteloos een karakertistiek kerkje inloop, mezelf gelukkig prijzend iets mee te hebben gekregen van het katholicisme en dan binnen een kaarsje voor mijn moeder brand. Dan manifesteert zich iets onuitsprekelijks. Ik durf te zeggen dat beide ervaringen met liefde te maken hebben. Als ik ooit nog wijzer ben, zal ik durven berweren dat ze de essentie van liefde uitdrukken: kortstondige ‘aanraaksels’, zelf opgezocht of zomaar erdoor overvallen, van de ziel met haar oorsprong. Maar ik ben te jong nog, om dat al te kunnen onderbouwen. Ook zijn de encounters vooral mysterieus, verleidelijk en bovenal geisoleerd van het dagelijks leven. In het dagelijks leven krijgen intussen gedachten en emoties vrij baan. Waar ze mij te pas en te onpas overvallen. Daar heeft mijn ziel verder niets mee te maken. Hier moet ons woord zielig vandaan komen! De situatie, waar dagelijks leven en ziel geen connectie maken, is zielig.

Cut! Roept het nu. Cut the crap.

Ik werkte lang op de set van commercials. Cut! it’s a wrap betekent dat de opnametijd voorbij is. De opnametijd van het filmmateriaal, of de opnametijd van mij als patient lijdend aan het leven. Alle scenes zitten erop, zowel qua filmmateriaal als die ik in het dagelijks leven maakte. Het is tijd voor editing en montage. Zowel van de beelden die het reclamefilmpje gaan vormen als van de film van mijn eigen leven. Het gevleugelde it’s a wrap, het einde van de opnamedag waarna iedereen een biertje drinkt, betekent letterlijk oprollen, inpakken, de wikkel erom. Het puin- en opruimen is begonnen en de footage is klaar voor ont-wikkeling. Het is tijd nu de goede stukken te selecteren, special effects toe te voegen en alles aan elkaar te zetten. Totdat er een twee minuten prime time waardige boodschap uit rolt. Monteren doe je net als een goede Franse saus met blokjes koude roomboter. In mijn geval dan blokjes van gefermenteerde soja of palmolie. Want dierlijke producten eten doe ik al een tijdje niet meer. Dat maakt het sausje dan nog weer wat in-gewikkelder. Apart en uitdagend at the same time. Likkebaarden ga je er misschien niet van. Fascinerend is het wel. Ik heb mijn leven enorm ingewikkeld gemaakt. Met overtuigingen, gedragspatronen, steunpunten buiten mij waar ik geen grip op heb en verslavingen. Bepaalde gedachtes en emoties zijn verslavend, de meeste dagelijkse handelingen zijn verslavend. Want als ik ze niet uitvoer voel ik me onprettig alsof het om ontwenningsverschijnselen gaat. Ik zit in een keurslijf wat ik onbewust zelf heb gecreeerd en de pogingen om eruit te komen stranden schrikbarend.

Vermoeidheid en draaierigheid tot aan bijna flauwvallen toe belagen me op z’n tijd. Als je moe bent is het ego moe en duizeligheid is een kwestie van bloeddruk. Dat heb ik van horen zeggen en daar ben ik maar wat blij mee. Die wetenschap, die lucht op. Die maakt dat ik me niet altijd laat leven door gedachtes en emoties. Mijn beoordelingen en veroordelingen en mijn zelfbeschreven etiketten vormen na dertig jaar van ervaringen op vier verschillende continenten en even zoveel mislukkingen schielijk verstopt in mijn toilettas, een zware rugzak. Steeds als het me lukt die even naast me neer te zetten, werkt het enorm bevrijdend. Licht als een veertje voel je je alleen nadat je meer kilo’s hebt gedragen dan je lief is.

Is het zo dat gedachtes en emoties ervoor gemaakt zijn om het ego af te zwakken? Zodat je als individu rust neemt. Door de ingeving dat ik ‘toch niets kan en nergens goed voor ben’, die depressief klinkt maar eigenlijk gewoon een natuurlijke rem is op mijn innerlijke drang in het algemeen en op de noodzaak van hot naar her te rennen, steeds meer te willen en alles belangrijk te vinden in het bijzonder; door een zodanig negatieve ingeving wordt alles gewoon even gerelativeerd en teruggebracht tot verwaarloosbare proporties. Het stemmetje: ‘het slaat nergens op, laat maar’ of ‘lag ik maar in de zon aan zee met een cocktail in mijn hand’ is er niet voor niets, begin ik achter te komen.

Emoties doen onbewust hetzelfde als waarin boven beschreven gedachtes resulteren. Als je veel adrenaline in je lijf hebt, ga je stoom afblazen door middel van sport of haantjes gedrag dat onherroepelijk leidt tot fysieke inspanning in de vorm van vechten of een uitputtende show off. Het opgefokte raak je kwijt door inspanning. Daarentegen ga je huilen bij te weinig oxytocine in je lijf. Angst of een gevoel van onmacht worden daardoor geneutraliseerd, de spanning neemt af en met een beetje mazzel krijg je die beschermende arm om je heen, waardoor oxytocine levels weer snel op peil komen. We komen zo vanzelf terug in homeostase: ons natuurlijke evenwicht.

Wat het ingewikkeld maakt – terwijl we aan het ontwikkelen zijn – is of de gedachte voorafgaat aan de emotie met de injectie van zo’n hormoon als resultaat. Of dat het de emotie is, die eerst is en het deze is die de gedachte veroorzaakt. Stel dat de emotie eerst is, dan kan die eruit via het lichaam zonder dat daar gedachtes (bewustwording) aan te pas komen. Alternatief is dat de emotie eerst wordt omgezet in een bewuste gedachte, voordat ze via het lichaam of ons bijvoorbeeld met behulp van woorden, verlaat. We praten niet voor niets zoveel. Al die woorden, ondanks de onzin die ze bevatten, dienen een doel. Ze bevrijden emoties.

Ik stort in is helemaal niet zo’n gekke gedachte besluit ik. Ik stort in is een ego dat er tijdelijk de brui aan geeft. Hoera! dat tolereer ik niet alleen, dat accepteer ik uit de grond van mijn hart. Mijn ego met al haar hebbelijk- en zwakheden gaat even met een cocktail in haar hand aan het strand zitten. Mijn redder in nood, mijn lichtbaken in het donker en tegelijkertijd mijn grootste blok aan het been, verlaat me en laat me even heerlijk met rust. Daarvoor hoef ik niets te willen, te verlangen of ook maar ergens waarde aan te hechten.

Nature rules, if you let her. Iedere klepel, iedere hanger, zelfs een perpetuum mobile komt uiteindelijk terug tot haar middelste rustpunt. Aren’t we blessed, gifted and fortunate with such a protective and purely natural mechanism!

Ik-woord of ik word?

IMG_5619

Mijn boekenkast staat er vol mee: geschriften over ik. Het begint met dwepende romanfiguren, breidt zich uit naar filosofie en wordt aangevuld met self help literatuur. Zelfs een boek over het gebruik van het woord ik in het algemeen, in gesproken of geschreven tekst, tref je aan tussen deze studies of the universe, mijn persoonlijke universiteit.

Daarna zijn ‘Overstijg Jezelf’ van neurowetenschapper Joe Dispenza en teksten van de Dalai Lama de planken in mijn kast komen bewonen. Ook een interessant boekje met de titel The Cutting Edge (Bjørn Aris, 2012) verstopte zich tussen de geleerde en wijze woorden. Over menselijk potentiëel en hoe het zich op z’n best manifesteert. Hier vormt zich het begin van Life beyond the concept of me.

Hehe, dat lucht op!

Het grote geheel.
Energie en waar het vandaan komt.
En zoiets als liefde, wat is dat?

Van individuele aanwezigheid hier is eigenlijk geen sprake. Ieder individueel ik-je is, oftewel bestaat, überhaupt en enkel en alleen bij de gratie van de relatie met zijn of haar omgeving in de breedste zin van het woord. Een omgeving waarvan ‘de ander’ van Beauvoir, de wil van Schopenhauer, Freuds verleidelijke theoriën, Jungs archetypen en Tolstojs gecompliceerde en paradoxale karakters deel uitmaken. En waar concepten zoals verleden, heden, toekomst en de maatschappij gewoon projecties zijn van het vermoeden van een groter geheel.

Ik-jes zijn deeltjes energie zoals alles. Vestig je aandacht erop dan materialiseren ze. Waarbij de ik-energie steeds geconcentreerder wordt: ik word. Concentreer je je er niet op dan blijven ik-deeltjes in de potentiële fase, niet meer of minder dan hybernating onderdeeltjes van het grote geheel. Hybernating is wat je computer doet als je het toetsenbord een tijdje niet aanraakt. En het is de Engelse vertaling van een winterslaap doen. Het grote geheel waarin we dan tijdelijk ten onder gaan wordt ook wel omschreven en/of gevisualiseerd als het onbewuste, de goddelijke eenheid, de zee of het universum: feel free to choose your own destination.

Al die relaties samen met de moeilijke, lieve, eerlijke en poëtische woorden die ze met zich meebrengen hebben één ding gemeen: het zijn sta-in-de-wegs voor communicatie, voor het maken van de verbinding. Nu weten we waar het christelijke gebruik ‘ter communie gaan’ vandaan komt: communiceren. En wij maar denken dat dat een modern begrip is! Als relaties en woorden communicatie in de weg staan, en je dit logisch doortrekt, kom je tot het interessante resultaat dat het ik-woord in de weg staat van ik word. Want minder ik-zijn leidt tot meer zijn. Hier is het complexe en paradoxale karakter van Tolstoj’s Anna Karenina niets bij.

Hybernaten en regenereren hebben met elkaar te maken. Het doet denken aan mediteren. Etymologisch gezien is mediteren verwant aan mederi (genezen) en aan het woord meten. Het overpeinzen waard! Want hoe heet het als mensen hybernaten? Mediteren! Je afsluiten van de bewuste wereld om je te meten aan het grote geheel. Als het ik-woord negatief is, is ‘ik word’ positief. Samen vormen ze een mooi plaatje, als een foto. Dat als je er even bij stil blijft staan (meditatie) komt tot regeneratie.

Woorden vormen dan misschien obstakels in het communiceren, mooi zijn ze wel! In potentie…

Holy Days: the final part

Archery, a circus festival and full moon somewhere in the midst of a forgotten mountain village tucked far away in the Western Pyrenees. Medieval times revisited? No way! What we experience today is as happening and engaging as can be.

Luna and me are being installed next to each other with bow and arrows in front of two seperate targets. Our first attempt at archery is about to take place. I’m quietly impressed, wanted to do this already for a long time. Here we are, right now! Our Spanish instructor invites us to move a bit closer to the target. To prevent us from giving up too easily, my guess. Another repetition of how to stretch the bow pointing down, hence rising it while stretching it more and more until the left arm is horizontal and points perfectly straight ahead while the right arm pulls the cord. With just one finger and even that one, almost not touching the cord, holding it at the very tip of the finger, stretching the bow as much as possible. Until the right hand comes next to the right cheek and holds still to focus, finally releasing the cord swift and silently. That’s all for the instruction course. We’re being left alone and there we go. Over and over again. Figuring out which eye to close, searching our arrows somewhere in the field behind the target, competitively giving each other ‘the look’ if the arrow hits the target reasonably focused. The tip of our finger is meant to hurt. We don’t feel it. We go on and on, loving it.

The next day the inner part of my right elbow is completely bruised from the cord that’d slapped several times against it, the price for not keeping my arm completely straight at all times. I hope someone will ask after the exaggerated bleu-ish green bruise, just for the fun of proudly recounting of our first archery experience.

After some indefenite time we proceed further into the fresh and sunny late afternoon by driving on to the tiny old village centre of Villanau. We come across several well fitted outdoor walkers. A beautiful part of the so called French camino de Santiago trail passes through Villanau, supplying the scenery with yet another remnant of centuries past: pelgrimage.
At the tiniest Plaza Major I’ve come across in Spain so far, the decor is set for a circus festival. It uncommonly consists of three seperate artist ensembles, travelling together but each one performing on their own stage. So we find ourselves in between three different stages at three different sides of the little square plaza, already packed to the fullest with local and visiting Spanish families. The peaceful and impressive backdrop of rising mountains under a bright blue late-afternoon sky is pretty overwhelming. To me that is. The people around me are not for a moment being distracted from their cheerful chatting and laughing. Until the spectacle takes off and we’re soon all being dazzled by trapeze work, acrobat acts, music from the soundtrack of Grease and Indian folkoric songs. Twice we’ve got to move by ourselves the wooden benches we are sitting on, turning them into the direction of the following performance, facing the next stage. Acting as sullen spectators, leisurably being entertained by hard working artists, it takes a lot of confusion and unexpected teamwork to get this done. Interactivity at a very basic level, as engaging as it is funny. All this is taking place at the tiniest Main Square (Plaza Major) of the age old village of Villanau (new village), adorned by well kept rustic houses, bright red flowers dangling down from artisinal pottery outside the windows. Romanticism at it’s best.

After I don’t know how much time, the festival finishes. The Spanish quickly resume their laughing and chatting. We’re leaving the enchanted circus scene, happily surprised by the very present and deeply satisfied. A giant bright yellow moon is rising to it’s fullest. That beautiful feminine moon, as overwhelming as the mountains it highlights, is fooler then full tonight.

IMG_3316.JPG

Holy Days II

On a late afternoon I am struck by a most picture perfect #home and country style living# scene. On velvety green grass surrounding a picturesque cottage, I walk up to my host, father of four and owner of four popular London based restaurants. He sits in front of a clay open air pizza oven, shuffling a large stainless steel shovel-like ‘peel’ in and out, sliding baked goods a bit further to and from the fire inside.

He and the pizza oven are set in a private orchard-garden surrounded by lavish green vales and hills. We are talking Dorset, next to rich and beautiful Somerset. At a two hours driving distance from London, sheltered today by blue skies that are finely larded with breezy white strokes.

William Wordsworths’ poem:
I wandered lonely as a cloud
That floats on high o’er vales and hills
When all at once I saw a crowd
A host of golden daffodils…
could have been written exactly here instead of in the Lake District.

A couple of Adirondack or Canadian chairs, typical for Maine, prop perfectly the simple out and about life style. The wooden, elegant yet rustic garden furniture originally from Westport USA was acquired after their last oversees holidays. This morning under a fresh summers’ downpour it was put together by hand. During the same time my friend, fierce- and beautiful mother of the earlier mentioned four, prepared pizza dough, adding some rye flour to consolidate it.

The picture perfect home and country style living scene also depicts seven kids, sitting about the green orchard, devouring their self topped pizzas. Featuring a backdrop like as if turning the next page of that very sensuous magazine: slowly changing colors into orange and purplish.

Hence the kids start to play games involving throwing apples at each other and tossing an egg. Laughing and enthusiastic screams make us turn our heads away from our light-hearted conversation facing the glowing fire in the stone oven. Now turned into dedicated supporters we sit by the kids’ nameless and priceless games. Until around the same time we all decide the game is over. As harmonious as only fiction has it, the seven kids at once run inside to go and watch a movie while we assemble a stack of empty round wooden cutting boards, an empty wine bottle and left over Pellegrino.

While we’re leaving the perfect magazine scene, the sky over the cattle fields and lush green bushes sets on fire. So it seems. The beauty of it not to be pictured nor described. But to imagine!